Inloggen

De zon

CCVX Voorbeeldtentamen 7 | Opgave 4
Opgaven en antwoorden komen van de CCVX-website. Kom je er zelf niet zelf uit? Dan kun je hieronder je vraag stellen. Ook kun je hieronder eerder gestelde vragen over deze opgave vinden.

Vraag a

In Binas tabel 32C vinden we de massa (M) en de straal (R) van de zon. De gravitatieconstante (G) vinden we in Binas tabel 7.

Mzon = 1,9884·1030 kg
Rzon = 6,963·108 m
G = 6,67384·10-11

Invullen in de in de opgave gegeven formule geeft voor de gravitatie-energie

Eg = - 1,5·6,67384·10-11·(1,9884·1030)2 / 6,963·1030

Eg = - 5,68432·1041 J

Beginenergie was 0 J en er is dus in totaal afgerond 5,684·1041 J omgezet in een andere energiesoort.

Vraag b

Een periode van 4,5·109 jaar is gelijk aan

4,5·109·365,25·24·60·60 = 1,4201·1017 s

Met de formule voor vermogen P = E/t vinden we dan voor de uitgezonden energie

E = P·t

E = 3,9·1026 · 1,4201·1017

E = 5,5384·1043 J

Afgerond is dit een energie van 5,5·1043 J.

Vraag c

Als we de in de opgave beschreven stappen uitschrijven vinden we

Stap 1: 11p + 11p → 21H + 01β

Stap 2: 21H + 11p → 32He + foton

Stap 3: 32He + 32He → 42He + 11p + 11p

Gevraagd wordt de netto reactievergelijking. Als we alleen naar deeltjes die nodig zijn kijken en naar de deeltjes die ontstaan vinden we

11p + 11p + 11p + 11p → 42He + 01β + 01β

Vraag d

Om te kijken hoe de omlooptijd (T) verandert als R en M veranderen moeten we de in de opgave gegeven formule (3e wet van Kepler) omschrijven

R3/T2 = G·M / 4·π2

T2 = 4·π2·R3 / G·M

T = √(4·π2·R3 / G·M)

In de opgave staat dat M kleiner wordt. M staat in de noemer en dat betekent dat T groter wordt. In de opgave staat ook dat R groter wordt. R3 staat in de teller en dit betekent dat hierdoor T ook groter wordt. Beiden leiden er dus toe dat de omlooptijd T groter wordt.

Vraag over "De zon"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | De zon

Over "De zon" zijn nog geen vragen gesteld.