Inloggen

Afstoomapparaat
VWO 2005, 2e tijdvak, opgave 2


Download hierboven de originele pdf van het examen waar deze opgave in staat en de bijbehorende uitwerkbijlage. "Afstoomapparaat" is de 2e opgave in dit examen. Als je de opgave gemaakt hebt kun je jezelf nakijken met het correctievoorschrift.

Kom je er zelf niet uit? Dan kun je hieronder je vraag stellen.

Vraag over "Afstoomapparaat"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Afstoomapparaat

Op maandag 25 mrt 2019 om 15:02 is de volgende vraag gesteld
Over vraag 9; ''De veerkracht Fv bij u = 0,75 cm is af te lezen in figuur 8 en is 60 N. In de getekende situatie is de veer 7,5 mm ingedrukt.'' Wordt hier gekeken naar 0,75 cm in de grafiek, omdat dat de getekende situatie is? Als ik de vraag lees denk ik dat ik een minimum van T moet geven, maar ik snap niet waarom ik dan moet beginnen bij de getekende situatie.

Erik van Munster reageerde op maandag 25 mrt 2019 om 15:41
Aan de u van de veer verandert niks. Zolang de temperatuur en de druk lager zijn dan de kracht die de veer uitoefent druk de veer met dezelfde kracht van 60 N naar beneden. Vandaar dat je inderdaad uitgaat van die 7,5 cm.

Pas als de kracht die door de gasdruk wordt uitgeoefend groter wordt dan deze 60 N zal de klep opengaan. Je rekent dus de temperatuur (T) uit waarbij deze kracht 60 N wordt. Dit is inderdaad de minimale T die nodig is om de klep open te duwen maar dat is ook wat er gevraagd wordt.


Thomas Rous vroeg op dinsdag 8 mei 2018 om 01:51
Beste Erik,

Ik begrijp hoe de stroomkring in huis loopt niet helemaal en daarom kom ik denk ik niet uit de vraag waar je de warmteontwikkeling moet berekenen. Ik was goed opweg, maar begrijp niet dat je voor de lengte 2 x 10 moet nemen. Kortom, ik vraag me af hoe de stroomkring in een huis loopt en wat de verklaring is voor l=20m.

Ik hoor het graag van u!

Erik van Munster reageerde op dinsdag 8 mei 2018 om 07:23
Het gaat hier niet om de huisinstallatie maar alleen om het verlengsnoer. Deze bestaat altijd uit twee draden waardoor de stroom loopt. Dit is omdat het afstoomapparaat in een stroomkring noet worden opgenomen: een draad ernaartoe en een draad ervan af. De stroom moet dus 10 m naar het apparaat toe en 10 m terug naar het stopcontact. Vandaar 20 m.