Inloggen

Magneettrein
HAVO 2005, 1e tijdvak, opgave 3


Download hierboven de originele pdf van het examen waar deze opgave in staat en de bijbehorende uitwerkbijlage. "Magneettrein" is de 3e opgave in dit examen. Als je de opgave gemaakt hebt kun je jezelf nakijken met het correctievoorschrift.

Kom je er zelf niet uit? Dan kun je hieronder je vraag stellen.

Vraag over "Magneettrein"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Magneettrein

Parsa Jahangiri vroeg op zaterdag 27 okt 2018 om 22:27
Dus je berekent altijd de tijd die het voorwerp/lading/stroom erover doet om een afstand af te leggen, dat is je t, en dat doe je keer 2 en dan heb je de T?

Erik van Munster reageerde op zondag 28 okt 2018 om 12:55
Hier doe je het wel op deze manier ja. Maar dat komt omdat het hier over een magneettrein gaat en omdat er in de opgave uitgelegd wordt hoe de wisselspanningsfrequentie afhangt van de tijd waarmee een bepaalde afstand wordt afgelegd.

In andere situaties zul je waarschijnlijk een andere methode moeten gebruiken.


Parsa Jahangiri vroeg op zaterdag 27 okt 2018 om 22:01
beste meneer,
bij opdracht E snap ik niet hoe ze eruit komen dat T=2t, want hoe kun je weten wat de periode van de wissel spanning is.
mvg Parsa

Erik van Munster reageerde op zaterdag 27 okt 2018 om 22:16
De periode van de wisselspanning weet je inderdaad niet maar in de opgave kun je lezen dat de spanning van richting wisselt als de trein een bepaald afstandje heeft afgelegd. Je kunt uitrekenen hoe lang dit duurt want de snelheid van de trein staat in de opgave gegeven.

Als je deze tijd (t) eenmaal weet kun je daarna de periode van de wisselspanning (T) uitrekenen. In een periode wisselt de spanning namelijk twee keer: een keer van - naar + en een keer van + naar -.

Parsa Jahangiri reageerde op zaterdag 27 okt 2018 om 22:26
Dus je berekent altijd de tijd die het voorwerp/lading/stroom erover doet om een afstand af te leggen, dat is je t, en dat doe je keer 2 en dan heb je de T?