Inloggen

Parasailing
vwo 2022, 3e tijdvak, opgave 4




Vraag 15

De afstand kunnen we bepalen uit de v,t-grafiek op de bijlage met de oppervlakte- of hokjesmethode. Zie afbeelding hieronder links: We tellen in totaal 6,5 hokjes tussen t = 0 en 8 s. De breedte van 1 hokje correspondeert met 2 s, de hoogte met 1 ms-1. Een hokje staat dus gelijk aan 2 m en de totale afstand is dus 2·6,5 = 13 m.



parasailing-1




Als je de complete uitleg bij oudere examenopgaven wil zien moet je eerst inloggen.







Vraag over "Parasailing"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Parasailing

Op woensdag 24 mei 2023 om 16:12 is de volgende vraag gesteld
Hallo ik heb een vraag voor de eesrte vraag. Ik begrijp niet hoet het maar 13m kan geven. Als ik de oppervlakte onder het grafiek bereken met geometrische figuren ipv hokjes tellen dan krijg ik ongeveer 42m. Hoe kan het verschil zo groot zijn?

Erik van Munster reageerde op woensdag 24 mei 2023 om 16:25
Zelfs als je het zou benaderen als één driehoek kom je veel kleiner uit dan 42 m. Dan is tussen 0 en 8 s de horizontale lengte 4 hokjes en de hoogte 5 hokjes. Oppervlak is dan 1/2 * 4 * 5 = 10 hokjes en afstand dus 20 m. In werkelijkheid is het nog iets kleiner.

Snap niet hoe op 42 m komt. Welke geometrische figuren heb je gebruikt?

Niels Vaes reageerde op woensdag 24 mei 2023 om 16:27
Ik heb het al door... ik heb de hele oppervlakte onder het grafiek genomen, niet tot 8,0s... Dankjewel.


Op zondag 14 mei 2023 om 15:42 is de volgende vraag gesteld
Ik heb een vraag over vraag 17: Hoe weet je wat de lengte van F3 is als je gaat constueren?

Erik van Munster reageerde op zondag 14 mei 2023 om 16:06
Dat weet je uit de reconstructie (zie plaatje onderaan de uitleg). Fz staat al getekend en je weet hoe groot dit is (massa keer 9,81). F2 en F3 moeten bij alkaar opgeteld precies Fz compenseren zodat de totale kracht 0 N wordt.

Je zoekt (met je geodriehoek) naar de lengtes waarbij F2 plus F3 precies naar boven wijzen over dezelfde lengte ala Fz.