Inloggen

Protonentherapie
VWO 2010, 2e tijdvak, opgave 4


Download hierboven de originele pdf van het examen waar deze opgave in staat en de bijbehorende uitwerkbijlage. "Protonentherapie" is de 4e opgave in dit examen. Als je de opgave gemaakt hebt kun je jezelf nakijken met het correctievoorschrift.

Kom je er zelf niet uit? Dan kun je hieronder je vraag stellen.

Vraag over "Protonentherapie"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Protonentherapie

Op woensdag 24 apr 2019 om 17:39 is de volgende vraag gesteld
Hoi Erik, ik snap vraag 14 niet:
'Voor een indringdiepte van 22,5 cm is de helling gelijk aan 10 MeV cm-1. Voor waarden kleiner dan 22,5 cm is de stopping power kleiner dan 10 MeV cm-1.'
Hoe komen ze op 22,5, daar hoort toch ongeveer 75 MeV bij? En de tweede zin snap ik ook niet, als je op de horizontale as meer naar 0 gaat ,wordt MeV per cm toch juist groter?

Erik van Munster reageerde op woensdag 24 apr 2019 om 18:23
De stopping-power (staat uitgelegd) is hoeveel de energie afneemt per centimeter. Op punten waar de grafiek steil naar beneden loopt is de stopping-power dus het grootst want daar neemt de energie het snelst af per cm. De helling van de grafiek is dus de stopping-power.

Een stopping-power van 10 MeV per cm betekent dat de energie in één cm 10 MeV afneemt. Bij 5 cm (breedte van een hokje) zou de energie dan 50 MeV afnemen. Dit is precies de hoogte van een hokje. Een stopping-power van 10 MeV per cm komt dus overeen met een hellingsgetal van 1 en dus een hoek van 45 graden. diepte loopt. Vraag is hier dus: Op welk punt heeft de grafiek een helling van 45 graden? Dit is op (ongeveer) 22,5 cm.

Op woensdag 24 apr 2019 om 18:33 is de volgende reactie gegeven
Bedankt! Ik snap alleen deze zin niet; Een stopping-power van 10 MeV per cm komt dus overeen met een hellingsgetal van 1 en dus een hoek van 45 graden. De link tussen hellingsgetal van 1 en 45 graden..

Erik van Munster reageerde op woensdag 24 apr 2019 om 19:01
Hellingsgetal of richtingscoefficient (r.c.) heb je misschien bij wiskunde gehad? in een grafiek is het hellingsgetal gedefinieerd als

hellingsgetal = Δy / Δx

In woorden. Hoeveel de grafiek stijgt of daalt als de x-coordinaat "1" groter wordt. Een groot hellingsgetal betekent een steile grafiek. Hier is het zo dat bij een van 5 cm (hokje horizontaal) de grafiek 50 MeV (een hokje verticaal) daalt. Dus: Een hokje opzij = een hokje omlaag. Dit is in deze grafiek een lijn die 45 graden daalt.