Inloggen

Protonenweegschaal
vwo 2017, 1e tijdvak, opgave 4




Vraag 16

In het nanobuisje ontstaat een staande golf vergelijkbaar met de staande golven in een snaar. Hierbij geldt dat er in de grondfrequentie precies een halve golf op de lengte van de snaar past. Dit betekent dat de golflengte (λ) twee keer de lengte van het buisje is. Voor de golflengte vinden dan

λ = 2 · 150·10-9 = 300·10-9 m

Voor de golfsnelheid geldt v = f·λ (zie BINAS tabel 35-B2) en dus

v = 1,86·109 · 300·10-9 = 558 ms-1





Als je de complete uitleg bij oudere examenopgaven wil zien moet je eerst inloggen.






Vraag over "Protonenweegschaal"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Protonenweegschaal

Op woensdag 15 mei 2024 om 19:26 is de volgende vraag gesteld
Hoi, hoe komen ze bij vraag 20 aan -3,2 keer 10 tot de macht 5?

Erik van Munster reageerde op woensdag 15 mei 2024 om 19:52
In figuur 4 kun je aflezen dat Δf van 0 Mhz na het toevoegen van 5 moleculen naftaleen naar -1,6 MHz gaat.

Per molecuul is dit een stapje van 1,6 / 5 = 0,32 MHz.

Dit is 3,2*10^5 Hz per molecuul naftaleen. Zo dus


Thomas Rous vroeg op donderdag 10 mei 2018 om 23:50
Beste Erik,

Waarom spreken ze in deze opdracht van resonantiefrequentie? Wat resoneert? Ik dacht dat alleen de frequentie verandert naarmate er deeltjes aan de weegschaal blijven hangen.

Ik hoor het graag van u!

Erik van Munster reageerde op vrijdag 11 mei 2018 om 05:57
Met resonantiefrequentie bedoelen ze gewoon de frequentie waarmee het nanobuisje trilt. Inderdaad verandert deze frequentie naarmate er meer deeltjes zich aan het buisje hechten.