Inloggen

Radon in de kelder
vwo 2022, 3e tijdvak, opgave 3


Download hierboven de originele pdf van het examen waar deze opgave in staat en de bijbehorende uitwerkbijlage. "Radon in de kelder" is de 3e opgave in dit examen. Als je de opgave gemaakt hebt kun je jezelf nakijken met het correctievoorschrift.

Uitleg bij "Radon in de kelder"

Probeer altijd eerst zelf de opgave te maken en gebruik de uitleg alleen als je er zelf niet uitkomt. Als je ook na deze uitleg nog vragen hebt dan kun je deze helemaal onderaan deze pagina stellen.

Vraag 10

In Binas tabel 25A vinden we dat Po-214 (atoomnummer 84) vervalt via α-verval. De vervalvergelijking wordt

21484Po → 21082Pb + 42α

Vervalproduct X is dus 21082Pb (lood). Dit heeft volgens Binas tabel 25A een halveringstijd van 22,6 jaar en vervalt dus niet meteen zoals de andere vervalproducten van Rn-22. Het wordt daarom niet tot de radondochters gerekend.

Vraag 11

  • De aanvoer van radon is constant maar hoeveel er per seconde vervalt (de activiteit) niet. Dit hangt af van de hoeveelheid radon die aanwezig is. Omdat deze hoeveelheid radon in het begin stijgt, stijgt ook de activiteit. Totdat op een gegeven moment de activiteit even groot is als de hoeveelheid die er per seconde bij komt. Er is dan een evenwicht waarbij er evenveel ontstaat als er bij komt.
  • Voor ieder van de dochters geldt hetzelfde proces: een constante aanvoer zorgt op een gegeven moment voor een constant aanwezige hoeveelheid omdat aanvoer en toevoer in evenwicht komen.

Vraag 12

De dracht van α-straling is extreem laag. Het wordt al tegengehouden door een papier. Door een velletje papier tussen de bron en de detector te houden wordt α-straling tegen gehouden. Als de gemeten activiteit hierdoor niet kleiner wordt weet je dat de straling geen α-straling is.
  • Voor γ-straling geldt juist een hoog doordringend vermogen. In tegenstelling tot α- en β-straling komt het door een velletje aluminium heen. Door een stukje aluminiumfolie tussen de bron en de detector te houden zou de gemeten activiteit naar nul moeten gaan. Als dit inderdaad zo is weet je dat er geen γ-straling uit de bron komt.

    Vraag 13

    1. Figuur 3 is geen normale vervalcurve omdat de activiteit de optelsom is van verschillende isotopen met allemaal een verschillende halveringstijd.
    2. Voor de radondochters Pb-214, Bi-214 en Po-214 geldt dat ze niet alleen vervallen maar ook gevormd worden uit het verval van hun voorganger.

    Vraag 14

    De activiteit van het radon en ieder van de radondochters is gelijk zolang de aanvoer constant blijft. Dit is alleen het geval op t=0 in figuur 3. Daarna is er geen aanvoer vanuit radon meer en daalt de activiteit. Op t=0 lezen we 29000 deeltjes per 5 minuten. Dit betekent een activiteit van

    Agemeten,totaal, t=0 = 29000 / (5·60) = 96,6667 Bq

    Omdat de werkelijke activiteit 6 keer zo hoog dan hoeveel er gemeten wordt geldt

    Atotaal, t=0 = 6·96,6667 = 580 Bq

    Dit is de activiteit van de radondochters die β-straling uitzenden samen. Dit zijn er twee (Pb-214 en Bi-214). Voor de activiteit van één dochter geldt dan

    Aper dochter, t=0 = 580 / 2 = 290 Bq

    Dit is ook de activiteit van het radon in de ruimte en dit is dus hoger dan de norm van 100 Bq/m2.

    Vraag over "Radon in de kelder"?


        Hou mijn naam verborgen

    Eerder gestelde vragen | Radon in de kelder

    Over "Radon in de kelder" zijn nog geen vragen gesteld.