Inloggen

Waterlens
vwo 2010, 2e tijdvak, opgave 5


Download hierboven de originele pdf van het examen waar deze opgave in staat en de bijbehorende uitwerkbijlage. "Waterlens" is de 5e opgave in dit examen. Als je de opgave gemaakt hebt kun je jezelf nakijken met het correctievoorschrift.

Kom je er zelf niet uit? Dan kun je hieronder je vraag stellen.

Vraag over "Waterlens"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Waterlens

Op vrijdag 22 apr 2022 om 00:38 is de volgende vraag gesteld
Bij vraag 26 heb ik de constructie ongeveer goed getekend, ik had alleen bij het opmeten van hoek i 2 graden minder als in het antwoordmodel. Nu zie ik in het antwoordmodel dat er een marge van 1 graden wordt gehanteerd om punten te krijgen. Weet u misschien of dit ook op het ccvx geldt? Ik vindt het haast onmogelijk om binnen de marge van 1 graden te blijven, ook omdat ik zelf eerst een normaal moet tekenen en dat ook lastig is om nauwkeurig te doen.

Erik van Munster reageerde op vrijdag 22 apr 2022 om 12:14
Enige tip die ik kan geven is om áltijd zo nauwkeurig en netjes mogelijk te werken: Scherp geslepen potlood, goede duidelijk geodriehoek. Bij toetsen krijg je de uitwerkbijlage er altijd op zo'n formaat bij dat je het ook binnen de marge kan doen.


Bekijk alle vragen (2)



Op donderdag 23 mrt 2017 om 20:56 is de volgende vraag gesteld
Bij vraag 26 moet r, de brekingshoek, worden berekend.
Bepaling van de brekingshoek: i = 19° en sin i / sin r = 1,33
zodat r = 14°.
Ik snap net hoe je deze waarde kan uitrekenen, aangezien de waarde 'in de sinus' staat.
Kunt u mij helpen?
bedankt

Erik van Munster reageerde op vrijdag 24 mrt 2017 om 09:01
Als je de formule sin i / sin r = 1,33 omschrijft vindt je

sin r = sin i / 1,33

Hoek i = 19 graden en op je rekenmachine kun je uitrekenen dat sin 19 = 0,325568 dus

sin r = 0,325568 / 1,33

sin r = 0,244788

De laatste stap heeft eigenlijk meer met wiskunde te maken dan met natuurkunde. Ik zou, als je dit moeilijk vindt, in ieder geval het onderwerp goniometrie nog eens goed bestuderen. Rekenen met sin, cos en tan ga je zeker vaker tegenkomen en het is belangrijk de wiskunde die erachter zit goed te snappen. Voor nu even een antwoord waar je mee verder kunt:

Je neemt links en rechts de inverse sinus (ook wel, arcsin, asin of sin^-1 genoemd). Op je rekenmachine: Typ: [shift][sin]0,244788. Je vind dan 14,16931 graden. Zorg wel dat je rekenmachine op graden (degrees) staat en niet op radialen.