Inloggen

Lorentzkracht

Een bewegend geladen deeltje in een magneetveld ondervindt een kracht loodrecht op de bewegingsrichting én loodrecht op het magnetische veld. Deze kracht wordt de Lorentzkracht genoemd (naar de Nederlandse fysicus Hendrik Antoon Lorentz). In deze videoles uitleg hierover en een trucje om de richting van de kracht te vinden: de linkerhandregel. Als je de magnetische veldlijnen opvangt in de palm van je linkerhand en je je gestrekte vingers laat wijzen in de richting van de stroom of ladingsverplaatsing, wijst je duim in de richting van de kracht.



Voor het afspelen van de videoles 'Lorentzkracht' moet je ingelogd zijn
Nieuwsgierig? Kijk een demoles:
Voorvoegsels / Harmonische trilling / ElektronVolt

Voorkennis

Magnetisch veld, stroom, elektrische lading, kracht

Formules

 
Lorentzkracht
(deeltje)
FL = B·q·v FL = lorentzkracht (N)
B = magnetische veldsterkte (T)
q = lading (C)
v = snelheid (m/s)
 
Lorentzkracht
(draad)
FL = B·I·L FL = lorentzkracht (N)
B = magnetische veldsterkte (T)
I =stroomsterkte (A)
L =draadlengte (m)

Moet ik dit kennen?

De stof in videoles "Lorentzkracht" hoort bij:

HAVO:       geen examenstof
VWO: : Centraal examen (CE)

(In het oude examenprogramma: HAVO:SE VWO:CE)


 
 
 



Hierboven staan drie situaties waarbij een geladen deeltje of een stroomdraad door een magneetveld loopt. Bepaal voor elk van de drie situaties de richting van de lorentzkracht.

← ↓ → → ← → → ↓ ↑ ↑ ↓ → ↓ ↓ → → ↓ ↓ → ↓ → → ↓ ←


Extra oefenmateriaal?

Oefenopgaven over het onderdeel elektrische & magnetische velden vind je in:
FotonElektromagnetismeVWO.pdf

Examenopgaven

Recente examenopgaven waarin "Lorentzkracht" een rol speelt (havo/vwo):
Faradaymotor (v), TEM, transmisse elektronen microscoop (v), Tokomak (v),

Vraag over "Lorentzkracht"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Lorentzkracht

Kees Knol vroeg op woensdag 19 sep 2018 om 12:21
Ik heb meedere vragen bij syst. nat. hoofdstuk 6 opgave 29. (ik ga er gemakshalve vanuit dat je syst. nat hebt, als dit niet het geval is geef ik meer tekst)
Onder a wordt gevraagd de richting van F lor in een punt B aan te geven en onder b. de richting van het magnetisch veld.
Het deeltje is positief geladen, dus volgt de richting van mijn vingers, als de loodlijn van het magn. veld. op mijn linkerhandpalm is gericht. En dan volgt F. lor de richting van mijn duim. Opdracht aan teken ik loodrecht op B, richting naar links. Maar de richting van het magnetisch veld zie ik niet voor mijn. Onder c moet ik uitleggen waarom F lor geen arbeid heeft verricht als het deeltje van A naar C beweegt. Ik heb er geen verklaring voor; het deeltje maakt toch juist de cirkel vanwege F lor?
Dan wordt er gesteld dat E kin gelijk blijft, dat verklaart de constante snelheid, maar niet de cirkelbeweging.
Tenslotte moet ik r = m.v/B.q afleiden. Hoe?

Erik van Munster reageerde op woensdag 19 sep 2018 om 13:13
Even een praktische vraag: Van Systematische Natuurkunde bestaan ook uitwerkingen waarin alle opgave stap voor stap worden uitgelegd. Heb jij deze? Zo nee, misschien is het handig om deze achter de hand te hebben.

Ik zou even bij de uitgever vragen of deze uitwerkingen beschikbaar zijn voor jouw editie.

Kees Knol reageerde op vrijdag 21 sep 2018 om 10:28
Ik heb niet alle uitwerkingen, maar de meeste heb ik nu wel gevonden op het net. (Als ik overvraag, dan beperk ik mij hoor!)

Bij de betreffende vraag blijf ik er nog met een vraag Ik kan aan de tweedimensionale tekening in het boek de richting van het magnetische veld niet zijn, alleen dat het positief geladen deeltje er loodrecht en gebogen door gaat. Ik heb de richting toch nodig?
En een opmerking: bij de uitleg van het waarom de lorentzkracht geen arbeid verricht bij de beweging van het deeltje van A naar C wordt een wiskundig argument aangevoerd: de cos is 0. Ik had dat niet bedacht, omdat ik een natuurkundig argument zocht, geen wiskundig. Da's een les die ik gestaag hoop te leren.

Erik van Munster reageerde op vrijdag 21 sep 2018 om 13:03
Klopt, cos is 0 is eigenlijk wiskundig. Je zou ook kunnen zeggen dat ze loodrecht op elkaar staan, zou natuurlijk ook gewoon goed zijn. Heb de opgave hier niet erbij maar in twee dimensionale tekeningen wordt de richting in de 3e dimensie (papier in of uit) aangegeven met de "kruisjes en stipjesnotatie".


Op dinsdag 20 mrt 2018 om 11:02 is de volgende vraag gesteld
Hallo,
Ik ben een vraag (Hoofdstuk 12 opdracht 2) aan het maken over de Lorentzkracht en ik begrijp de richting van de magnetische veldsterkte niet. In het nakijkboek staat dat de richting van de zuidpool af is, maar ik dacht juist dat het magnetisch veld van de noordpool naar de zuidpool liep buiten de magneet om? De stroomdraad ligt net buiten de magneet vóór de zuidpool.
Alvast bedankt!

Erik van Munster reageerde op dinsdag 20 mrt 2018 om 12:45
Klopt, magnetische veldlijnen lopen buiten een magneet van N naar Z en binnen de magneet van Z naar N. Vlak bij de zuidpool lopen de veldlijnen dus inderdaad weg van de magneet.

Maar.. misschien bedoelen ze wat anders hier. Ik ken de opgave niet. Als je dat makkelijker vindt kun je me de opgave ook mailen (als foto of scan). Zie het envelopje rechtsboven (contact).


Op donderdag 8 mrt 2018 om 16:32 is de volgende vraag gesteld
Hoi Erik,

Ik ben in examenbundel 17/18 de opdracht elektromotor aan het proberen, maar loop eigenlijk meteen al vast... Gisteren al uw filmpjes bekeken en dacht dat ik het begreep, maar blijkt helaas nog niet zo te zijn. Mijn vraag vooral is waarom ze bij de tweede vraag in de formule Florentz ook vermenigvuldigen met N aantal windingen. Uw formule en ook de binas formule heeft N er niet in staan...

Vervolgens vraag 3 waar je in de grafiek de lorentzkracht van één wenteling moet aangeven. Hier loop ik a la minute vast. Hoe weten ze dat een wenteling maar een seconde duurt. Hoe weet ik dat punt R en S op bepaalde momenten niet met de spanningsbron verbonden zijn ? Ik heb het idee dat ik het hele principe niet begrijp (elektromotor) ??

Kunt u mij helpen ??

Erik van Munster reageerde op donderdag 8 mrt 2018 om 16:39
Er bestaan meerdere opgaven over elektromotoren. Hierboven bij "examens" kun je alle examens terugvinden. Zou je de vraag daar nog een keer kunnen stellen bij de opgave waar het over gaat. Dan kan ik de opgave ook zien en weet ik waar het over gaat.

Op donderdag 8 mrt 2018 om 16:45 is de volgende reactie gegeven
Ik zie net dat het niet uit de oefenexmens zelf komt maar uit deel 1 van bundel 'oefenen op vaardigheden'. Die kan ik niet vinden tussen de examens. Zal ik anders de gehele opgave hieronder uit typen? (Dan mist alleen het plaatje ...)

Erik van Munster reageerde op donderdag 8 mrt 2018 om 17:09
Misschien makkelijker om even te mailen (zie "contact") hierboven. Dan kun je ook een fotootje of scan meesturen. Groetjes, Erik


Op vrijdag 7 apr 2017 om 14:33 is de volgende vraag gesteld
Hoe weet je in welke richting de lorentzkracht werkt als I en B tegenover elkaar staan?

Erik van Munster reageerde op vrijdag 7 apr 2017 om 14:47
Als de stroomrichting en de richting van het magneetveld in dezelfde richting liggen of tegengesteld zijn is de lorentzkracht 0. Lorentzkracht werkt alléén als I en B onder een hoek staan. Alle formules hierboven gelden bv alleen als I en B onder een hoek van 90 graden staan.


Anna Lith vroeg op donderdag 2 mrt 2017 om 11:25
Wanneer je een afbeelding krijgt waarop niet een geladen deeltje, maar de stroomrichting is gegeven, in welke richting moet je dan je vingers houden? De stroomrichting is van positief naar negatief, maar de ladingsverplaatsing is van negatief naar positief.

Erik van Munster reageerde op donderdag 2 mrt 2017 om 14:18
Je houdt je vingers dan in de richting van de stroom (I). Van de +pool van de batterij naar de -pool dus.

(De elektronen verplaatsen zich inderdaad in de andere richting in de draad, maar omdat ze negatief zijn moet je ze nóg een keer omkeren als je de richting van de ladingsverplaatsing aan wil geven, vandaar)

Anna Lith reageerde op donderdag 2 mrt 2017 om 14:39
Ohja, logisch! Bedankt!


Op woensdag 18 jan 2017 om 18:08 is de volgende vraag gesteld
Beste Erik,

Ik heb een vraag over het eerste voorbeeld. Klopt het dat wanneer het deeltje negatief is, de Lorentzkracht niet omlaag is maar omhoog? In mijn boek staat de FBI-regel en zo heb ik het dus geleerd. In mijn boek staat ook een voorbeeld met F B en v, maar hierin staat dat de v de tegenovergestelde richting heeft van I. Ik snapte de afbeelding maar niet, totdat ik zag dat het deeltje in het boek niet positief geladen was, maar negatief geladen. Klopt het dus dat wanneer de lading positief is, de richting van I gelijk is aan de richting van v. En wanneer de lading negatief is, de richting van I tegengesteld is aan de richting van v?
Alvast bedankt!

Groetjes,
Femke

Op woensdag 18 jan 2017 om 18:11 is de volgende reactie gegeven
Ik had het filmpje nog niet afgekeken, maar ik zie dat er al antwoord op mijn vraag wordt gegeven. Sorry voor de onnodige vraag.
Groetjes,
Femke

Erik van Munster reageerde op woensdag 18 jan 2017 om 18:42
Onnodige vragen zijn er niet, maar fijn dat je er zelf achter bent. Als je meer wilt weten over lorentzkracht kun je ook even kijken bij de oefenopgaven. Opgave 21 en 22 van het hoofdstuk ElektromagnetismeVWO gaan precies hierover.

Groetjes & success,

Erik


Yungru Woo vroeg op woensdag 23 nov 2016 om 18:00
Beste Erik,

Hierbij heb ik een vraag uit mijn Nova theorieboek, en ik hoopte dat u misschien een antwoord hierop had.

De vraag luidt;

Door het snoer van een wasmachine loopt een stroom van 10A. Je legt loodrecht op de draad een magnetisch veld aan van 1,0T. Volgens je berekening zou de draad moeten gaan bewegen door de lorentzkracht van 10N per meter kabel die ontstaat. Dat gebeurt niet.

A) noem 2 redenen waarom je de kabel niet ziet bewegen. Deze redenen moeten temaken hebben met hoe de stroom loopt.
volgens de antwoordenboek was het antwoord: de kabel bestaat uit twee aders: als door de een de stroom heen (terug) gaat, dan gaat de stroom door de ander terug (heen). Netto loopt er geen stroom! Of je kunt zeggen: de lorentzkracht op de twee aders is precies tegengesteld en netto dus gelijk aan nul.

Maar de lorentzkracht zijn tegengesteld aanelkaar in 2 aparte draadjes, dan stoten ze elkaar toch af?

Yungru Woo reageerde op woensdag 23 nov 2016 om 18:01
In plaats van dat ze elkaar opheffen, dat snapte ik niet in het antwoord dat de lorentzkrachten elkaar opheffen

Erik van Munster reageerde op woensdag 23 nov 2016 om 19:00
Klopt helemaal wat je schrijft. De twee aders zullen een tegengestelde lorentzkracht ondervinden. Als ze los van elkaar zouden kunnen bewegen zou de één de ene kant opgaan en de andere de andere kant. Maar.. De twee aders kunnen niet los van elkaar bewegen. Ze zitten met elkaar in één snoer. De kracht op het snoer is de krachten van de twee aders bij elkaar opgeteld en bij elkaar heffen ze elkaar op. Vandaar: Geen nettokracht op het snoer.

Hoop dat je hier iets verder mee komt...


Op dinsdag 3 mei 2016 om 15:22 is de volgende vraag gesteld
Beste Erik, volgens deze website zit het onderwerp magnetisme en lorentzkracht niet in het CE voor vwo, in het pilotexamen van 2015 vond ik er wel een vraag over. Is het dan toch nuttig om te weten?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 3 mei 2016 om 20:51
Officieel hoort dit onderwerp wel bij het CE maar is er dit en volgend jaar een uitzondering: Er worden in 2016 en 2017 geen vragen over elektromagnetisme gevraagd op het CE. Lorentzkracht hoef je dus niet te kennen.

(Als je het zelf wil nakijken: Op examenblad.nl vind je van alle vakken welke onderwerpen bij het CE horen en welke niet)


Op donderdag 14 mei 2015 om 13:40 is de volgende vraag gesteld
Hoi,

bij opgave 17 van 2013T1 (opdracht b in onderstaande link) snap ik niet hoe bepaald kan worden dat 'de lorenzkracht op het antideeltje in de andere richting werkt' (correctievoorschrift). Zou u dat uit kunnen leggen?

http://www.natuurkunde.nl/opdrachten/1281/op-zoek-naar-higgs-vwo-2013-1-opg-4

Groetes

Erik van Munster reageerde op donderdag 14 mei 2015 om 16:03
Alle deeltjes ontstaan in het midden en schieten weg naar de rand. Als er geen lorentzkracht zou zijn zouden de deeltjes in een rechte lijn van het centrum naar de rand schieten. Dat de baan gebogen is komt door de lorentzkracht. Door te kijken in welke richting een deeltje wordt afgebogen weet je de richting van de lorentzkracht.

Het rechter deeltje wordt naar beneden gebogen: Flor naar beneden.
Deeltje a wordt naar boven afgebogen: Flor naar boven.
Deeltje b wordt naar beneden afgebogen: Flor naar beneden.

Verena Schrama reageerde op donderdag 14 mei 2015 om 16:22
En omdat het rechter deeltje naar beneden afgebogen wordt, moet de Flor wel naar beneden staan en dus moet het baan b worden?

Op donderdag 14 mei 2015 om 16:30 is de volgende reactie gegeven
Maar deeltje a ondergaat toch eerst (in hete grijze vlak) ook een afbuiging naar beneden?

Erik van Munster reageerde op donderdag 14 mei 2015 om 16:51
De denkstappen op een rijtje:

*Het deeltje is een anti-muon want het is het antideeltje van het deeltje wat naar rechts schiet.

*Het deeltje is dus positief geladen.

*Voor een positief deeltje is de stroomrichting hetzelfde als de bewegingsrichting. De stroomrichting is dus ook naar links.

*Als je met de linkerhandregel de richting van de Lorentzkracht bepaalt vind je een kracht naar beneden.

*Baan a wordt in het grijze vlak naar boven afgebogen. Baan b wordt in het grijze vlak naar beneden afgebogen. Baan b is dus juist

Op donderdag 14 mei 2015 om 17:28 is de volgende reactie gegeven
Super begrijp hem, bedankt!

Op zaterdag 16 mei 2015 om 12:03 is de volgende reactie gegeven
Hallo,
Ik heb nog een vraag, ook na aanleiding van deze opgave; als de lorentzkracht op het -deeltje, muon, naar beneden werkt, dan werkt de lorentzkracht op het +deeltje, anti-muon, dus ook naar beneden, dit klopt toch? Dus de lorentzkracht die werkt op een -deeltje is altijd dezelfde lorentzkracht die werkt op een +deeltje in eenzelfde tekening, dit klopt dan ook toch? Maar als je lorentzkracht grootte berekent op +deeltje krijg je een positieve lorentzkracht omdat q positief is en bij een -deeltje krijg je dan, door de negatieve q, een negatieve lorentzkracht uit, dus hoe kunnen de lorentzkrachten dan dezelfde richting hebben en een tegengestelde grootte voor een +deeltje en een -deeltje?

Erik van Munster reageerde op zaterdag 16 mei 2015 om 15:45
Inderdaad werkt in de opgave de Lorentzkracht op zowel het muon als het anti-muon naar beneden. Maar dat komt omdat hier het muon naar rechts wegschiet en het anti-muon naar links. Ze bewegen dus in tegengestelde richting.

Als ze allebei de zelfde richting op zouden bewegen zouden ze juist een tegengestelde lorentzkracht hebben.

Als ze bijvoorbeeld allebei naar rechts zouden bewegen zou je voor het muon een kracht naar beneden vinden en voor het anti-muon een kracht omhoog.

Op zaterdag 16 mei 2015 om 17:13 is de volgende reactie gegeven
Bedankt, het is weer helemaal duidelijk!


Samia Hussein vroeg op dinsdag 6 jan 2015 om 20:17
Hooi erik,Bij de formule van de Lorentzkracht op een stroomdraad: stroom is toch ook bewegende deeltjes? Waarom heb je dan twee verschillende formules als bij beide geldt dat het om bewegende deeltjes gaat?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 6 jan 2015 om 23:02
Klopt. Stroom in een stroomdraad bestaat ook uit bewegende geladen deeltjes (elektronen) . Dit is ook de reden dat er een lorentzkracht werkt op een stroomdraad in een magneetveld.

Je zou ook met B*q*v de lorentzkracht op een draad kunnen uitrekenen door de lorentzkrachtjes van alle individuele elektronenen binnen een bepaalde draadlengte samen te nemen. Moet je wel de snelheden en de elektronendichtheid in de draad weten, en die is vaak niet bekend.

Met B*I*l kun je hetzelfde uitrekenen op basis van de stroomsterkte en lengte.

Kortom het is precies dezelfde kracht en de twee formules zijn twee manieren om hetzelfde uit te rekenen.


Op zaterdag 13 dec 2014 om 15:04 is de volgende vraag gesteld
Hey Erk lading van een proton dus gelijk an elektron? Dank wist ik nie gr


Medea Brouwer vroeg op woensdag 25 jun 2014 om 15:40
Is de richting waarin een + deeltje zich beweegt gelijk aan de richting van stroom?

Erik van Munster reageerde op woensdag 25 jun 2014 om 16:35
Dag Medea,

Ja, dat klopt, de bewegingsrichting van een positief deeltje is gelijk aan de richting van de stroom.

Bij een negatief deeltje (vorige vraag) is dit juist omgekeerd: Hierbij is de stroomrichting juist tegengesteld aan de bewegingsrichting van het deeltje.


Op woensdag 25 jun 2014 om 15:35 is de volgende vraag gesteld
Bij de linkerhandregel wijzen je vingers in de richting waarin het geladen deeltje zich verplaatst. Is dit geladen deeltje een + of - deeltje?


Op donderdag 20 mrt 2014 om 16:31 is de volgende vraag gesteld
Hoi! Ik heb een vraagje. Ik maak een opdracht over de lorentzkracht maar ik snap niet waarom de massa van Ca2+ 47,95253 is.

Erik van Munster reageerde op donderdag 20 mrt 2014 om 16:49
Ik denk dat het in deze vraag om de isotoop Calcium-48 gaat en niet om 'gewoon' calcium. Zou je even in de vraag moeten nalezen.

De massa van Ca-48 vindt je in BINAS tabel 25: 47,95253 u.

Hier moet eigenlijk nog de massa van de twee ontbrekende elektronen vanaf worden gehaald maar dat is waarschijnlijk verwaarloosbaar.

Jennifer ter Schuur reageerde op donderdag 20 mrt 2014 om 16:56
http://www.natuurkunde.nl/artikelen/view.do?supportId=764281 het gaat dan om vraag B.

Erik van Munster reageerde op donderdag 20 mrt 2014 om 17:11
Dank voor de link. In de vraag lees ik (in het artikel) dat het inderdaad om calcium-48 gaat. Zie verder mijn eerdere reactie...

Succes

Op donderdag 20 mrt 2014 om 17:14 is de volgende reactie gegeven
Helemaal over het hoofd gezien, thanks!


Inessa de Hartog vroeg op zondag 5 jan 2014 om 14:51
hallo,
ik snap niet hoe het zit met de stroomdraad, door een stroomdraad lopen toch elektronen en dan zou je toch je vingers tegen de richting van het draad moeten wijzen omdat daar de positieve deeltjes zitten?

Erik van Munster reageerde op zondag 5 jan 2014 om 16:52
Je kunt je stroom het beste voorstellen als "de richting waarin positieve elektrische lading zich verplaatst". Stel je voor dat een elektron zich door een draad van links naar rechts verplaatst. Hierdoor wordt de linkerkant positiever en de rechterkant negatiever. Er is dus meer positieve lading aan de linkerkant bijgekomen. De "stroom" (de verplaatsing van positieve lading) is dus van links naar rechts.

Erik van Munster reageerde op zondag 5 jan 2014 om 16:55
De verwarring komt eigenlijk omdat over stroom en spanning allang afspraken gemaakt waren toen veel later pas ontdekt werd dat de beweging van negatieve elektronen voor stroom zorgden. De elektronen bleken toen dus precies de andere kant op te bewegen van wat toen al afgespoken was als "de stroomrichting".

Inessa de Hartog reageerde op maandag 13 jan 2014 om 16:53
Wijs je, je vingers dan altijd in de richting van het beweegende positieve deeltje? Als je bijvoorbeeld een electron in een magneet veld heb dan wijs je je vingers in de richting waar het electon vandaan komt, en bij een positief deeltje wijs je vingers in de richting waar het deeltje heen gaat

Erik van Munster reageerde op maandag 13 jan 2014 om 21:48
Klopt!

Bij een positief deeltje wijs je je vingers in de bewegeingsrichting van het positieve deeltje.

Bij een negatief deeltje (bijvoorbeeld een elektron) wijs je je vingers in de richting waar het elektron vandaan komt.


Op zaterdag 14 sep 2013 om 12:58 is de volgende vraag gesteld
een geladen deeltje dat va de zon naar de aarde beweegt kan gevangen worden in de Van allen gordels.Ik heb gelezen dat die deeltje dan tussen twee zg mirrorpoints gaan oscilleren. Is dat onder invloed van de Lorentzkracht en zoja hoe werkt dat dan precies, het magneetveld vd aarde is toch redelijk constant op die plek?

Erik van Munster reageerde op zondag 15 sep 2013 om 19:15
De magnetische veldlijnen van de aarde lopen, grofweg, van de zuidpool naar de noordpool strekken zich ver in de ruimte uit.

Geladen deeltjes van de zon worden 'gevangen' in de magnetische veldlijnen (zie ook de videoles 'toepassingen lorentzkracht'). Een gevangen deeltje kan zich alleen maar langs een veldlijnen verplaatsen en kan zo dus in de buurt van de noordpool of zuidpool op de dampkring botsen. Dit is de oorzaak van het 'noorderlicht'. Het deeltje kan echter ook terugkaatsen als het in de buurt van de pool komt en weer langs de veldlijn naar de andere pool bewegen. (Dit is waarschijnlijk wat bedoeld wordt met de oscillaties). De laag van gevangen geladen deeltjes wordt de 'Van Allengrode' genoemd naar de ontdekker ervan.

PS: Van Allengrodels en noorderlicht is trouwens geen verplichte examenstof


Marieke Wolvers vroeg op vrijdag 10 mei 2013 om 16:21
Gebruik je de linkerhandregel alleen om de richting van de lorentzkracht te bepalen? Kan je deze regel dus niet gebruiken om de richting van het magnetisch veld te bepalen?

Erik van Munster reageerde op vrijdag 10 mei 2013 om 21:23
Ja, hoor. Ook de richting van het magneetveld kun je bepalen. Als je je linkerduim in de richting van de lorentzkracht laat wijzen en je vingers de stroomrichting of snelheid, dan lopen de magnetische veldlijnen je handpalm in.

Als van twee grootheden (kracht, B, I) de richting bekend is kun je met de linkerhandregel altijd de richting van de derde bepalen.


Wouter Straver vroeg op zondag 24 mrt 2013 om 18:43
welke richting gaan de magnetische veldlijnen van de aarde in? In de aarde (omlaag) of uit de aarde(omhoog)? Dat is namelijk een vraag uit het boek Pulsar en de uitwerkingen zijn niet echt duidelijk.

Erik van Munster reageerde op zondag 24 mrt 2013 om 21:22
Dat hangt ervan af waar op aarde je je bevindt: Op het zuidelijk halfrond gaan de veldlijnen de aarde uit, op het noordelijk halfrond gaan ze de aarde in. Ook de hoek waaronder de veldlijnen in of uit de aarde gaan hangt van de plaats op aarde af. Om het nog ingewikkelder te maken is het ook niet constant. In de loop van de geschiedenis varieert zowel de precieze richting als de grootte van het aardmagnetisch veld.


Op dinsdag 22 jan 2013 om 18:56 is de volgende vraag gesteld
Waar kan ik de lading q precies vinden?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 22 jan 2013 om 21:20
Als het over een elektron of proton gaat, dan is de lading het elementair ladingskwantum (BINAS tabel 7). Als het over een ion (geladen atoom) gaat moet je even oppassen of het ion 2+, 2-, 3+, 3- of zo is. Een Fe2+ ion heeft bijvoorbeeld een lading van +2 * 1,602*10^-19 C.


Basma Alchalgie vroeg op zaterdag 19 jan 2013 om 22:11
Geachte meneer Erik,
Ik snap het tweede voorbeeld niet, negatieve deeltje geeft een richting naar beneden.Waarom wijst u met uw vingers naar boven?

Erik van Munster reageerde op zondag 20 jan 2013 om 11:04
Omdat het over een negatief deeltje gaat (elektron). De snelheid het deeltje is dan tegengesteld aan de snelheid van de ladingsverplaatsing. Dit komt omdat er netto een ladinsverplaatsing naar boven is: Boven wordt het 'positiever' door het verplaatsende elektron. Het makkelijkst is het gewoon om te onthouden dat je bij de linkerhandregel je vingers precies de andere kant op laat wijzen dat de snelheid van het negatieve deeltje.


Op dinsdag 15 jan 2013 om 11:41 is de volgende vraag gesteld
Wat zou het antwoord op vraag 3 zijn als het geen proton was maar een elektron?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 15 jan 2013 om 11:42
De ladingsverplaatsing is dan juist de andere kant op (naar links dus). Als je de vingers van je linkerhand naar links laat wijzen en het magneetveld in je handpalm opvangt, wijst je duim naar boven. De lorentzkracht wijst dus naar boven.


Melanie Koppenaal vroeg op zaterdag 19 mei 2012 om 08:37
Dag meneer,
Mijn vraag is hoe je nou precies de lading van het deeltje(q) uitrekend die je bijvoorbeeld moet gebruiken in de formule van de Lorentzkracht. Ik verwacht dat je hiervoor het elementair ladingskwantum voor moet gebruiken? Alvast bedankt

Erik van Munster reageerde op zaterdag 19 mei 2012 om 10:58
Dat hangt van het deeltje af:

Als het een proton of een elektron is, is q één maal het elementair ladingskwantum (BINAS 7).

Als het een ion is moet je het tekort of teveel aan elektronen tellen en dit maal het elementair ladingskwantum doen.

Als het een atoomkern is, is het het ladingsgetal (atoomnummer) maal het elementair ladingskwantum.

Het kan natuurlijk ook een voorwerp zijn en geen atoom of molekuul. D

Erik van Munster reageerde op zaterdag 19 mei 2012 om 10:59
Vervolg:
Het kan natuurlijk ook een voorwerp zijn en geen atoom of molekuul. Dan moet je het een of andere manier uit de vraag kunnen opmaken wat de lading is.

Melanie Koppenaal reageerde op zaterdag 19 mei 2012 om 11:03
Dankuwel.
Als het om een atoomkern gaat hoef ik niet de massa van de elekronen hier eerst vanaf te trekken zoals je moet doen bij radioactiviteit?

Erik van Munster reageerde op zaterdag 19 mei 2012 om 11:11
Nee dat moet niet. Het aftrekken van de massa van atoomkernen doe je om de massa van de atoomkern te bepalen. Bij Lorentzkracht gaat het om de lading en niet om de massa.