Inloggen

Snelheid horizontale worp

De snelheid van een horizontaal weggeworpen voorwerp bestaat uit een horizontale en een verticale component die samen de snelheid op ieder moment bepalen. In de x-richting verandert deze snelheid niet, in de y-richting neemt de snelheid juist steeds toe. Het optellen van deze twee snelheidscomponenten, met behulp van de stelling van Pythagoras, geeft de uiteindelijke resulterende snelheid. In deze videoles wordt uitgelegd hoe dit precies werkt.


Voor het afspelen van de videoles 'Snelheid horizontale worp' moet je ingelogd zijn
Nieuwsgierig? Kijk een demoles:
Voorvoegsels / Harmonische trilling / ElektronVolt

Voorkennis

Snelheid, eenparige beweging, versnelde beweging, vallen

Moet ik dit kennen?

De stof in videoles "Snelheid horizontale worp" hoort bij:

HAVO:       geen examenstof
VWO: : geen examenstof

(In het oude examenprogramma: HAVO:CE VWO:CE)

Test jezelf - "Snelheid horizontale worp"

Maak onderstaande meerkeuzevragen, klik op 'nakijken' en je weet meteen de uitslag. Als je één of meer vragen fout hebt moet je de videoles nog maar eens bekijken.
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vul in: Bij een horizontale worp blijft de … van de snelheid altijd constant.

Een voorwerp wordt met een snelheid van 2,4 ms-1 horizontaal weggegooid en komt 0,30 s later op de grond terecht. Hoe groot is de y-component van de snelheid op dat moment?

Hoe groot is de snelheid waarmee het voorwerp uit de vorige vraag de grond raakt?

x-xomponent
y-component
hoek
0,72 ms-1
1,5 ms-1
2,9 ms-1
2,9 ms-1
3,8 ms-1
5,3 ms-1



Vraag over videoles "Snelheid horizontale worp"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Snelheid horizontale worp

Mohanad Salaymah vroeg op zondag 8 okt 2017 om 18:32
Heel duidelijk! Alleen nog een klein vraagje.
Is hoek alfa waarmee die de grond aanraakt niet de onderste hoek van de driehoek? Want daar raakt die de grond. De onderste hoek van de driehoek is 28 graden. De hoek die we nu hebben berekend is in mijn ogen de hoek waarmee de knikker van de tafel wegrolt.

Erik van Munster reageerde op zondag 8 okt 2017 om 18:39
Je kunt de hoek waaronder iets beweegt op meerdere manieren aangeven:

1) Je kunt zeggen: De hoek is 62 graden ten opzichte van de horizon.
2) Je kunt zeggen: De hoek is 28 graden ten opzichte van loodrecht op de grond.

Beide manieren is goed en je mag dus ook als antwoord 28 graden geven mits je erbij zegt welke hoek je bedoelt. Als je in je antwoord aangeeft dat 28 graden slaat op de onderste hoek in de driehoek is het prima dus...

Mohanad Salaymah reageerde op zondag 8 okt 2017 om 19:07
Duidelijk! Dankjewel!


Kim Wieltink vroeg op zondag 23 okt 2016 om 12:12
Stel je hebt een horizontale beweging die onder een hoek omhoog gaat ipv omlaag. Hoe kun je dan de snelheid berekenen die nodig is om een bepaalde afstand te overbruggen?
De vraag in mijn boek is:
Tarzan loopt naar een wijnstok die verticaal aan een boom hangt. Zijn doel is om te slingeren over een ravijn. Hij laat de wijnstok los als de hoek 30 graden is. Het ravijn is 5m breed. Kan hij over het ravijn springen als zijn beginsnelheid 10 m/s is?
Ik heb heel veel formules bekeken en ze geprobeerd te combineren maar ik kom er niet uit.

Erik van Munster reageerde op zondag 23 okt 2016 om 15:30
Hoi Kim,

Lastig opgave. Ik zal je op weg helpen.

Stap 1: Bereken wat de horizontale en verticale snelheid zijn op het moment dat hij de wijnstok loslaat (vx en vy). Dit kun je berekenen uit de beginsnelheid (10 m/s) en de hoek (30 graden) door de snelheid te ontbinden in een x- en een y-component.

Stap 2: Bereken met de horizontale snelheid vx hoe lang hij erover doet om de afstand van 5 m over het ravijn af te leggen.

Stap 3: Bereken met de verticale beginsnelheid (vy) en de valversnelling (-9,81 ms^-2) hoe lang het duurt tot vy 0 is. (gebruikt v=a*t). Dit tijdstip is het hoogste punt in zijn baan. Hierna gaat hij weer omlaag. De tijd die het duurt om weer op dezelfde hoogte te komen waarvan hij vertrok is nog een keer dezelfde tijd. Je hebt nu de totale tijd die hij in de lucht is.

Stap 4: Als de tijd die hij in de lucht is (uit stap 3) langer is dan de tijd die nodig is om het ravijn over te steken (uit stap

Erik van Munster reageerde op zondag 23 okt 2016 om 15:33
... vervolg. Als de tijd die hij in de lucht (uit stap 3) langer is dan de tijd die nodig is om de overkant te halen (uit stap 2) dan haalt hij het. Zo niet... jammer.

Kim Wieltink reageerde op zondag 23 okt 2016 om 16:41
Hoi Erik,

Dankjewel voor je snelle reactie.
Ik snap niet hoe je de snelheid op het moment van loslaten kunt ontbinden, en wat voor getallen daar dan uit moeten komen.

Erik van Munster reageerde op zondag 23 okt 2016 om 17:36
Gaat eigenlijk op dezelfde manier als bij het ontbinden van krachten. De hoek is 30 graden (ten opzichte van verticaal neem ik aan?) Dit betekent dat de snelheid niet horizontaal gericht is maar 30 graden omhoog wijst. Als je een pijl tekent die 30 graden omhoog wijst stelt deze de beginsnelheid v voor en is het makkelijker te zien. Vanuit de hoek van 30 graden gezien geldt: De x-component is de aanliggende zijde en bereken je met de cosinus. De verticale component is de overstaande zijde en bereken je met de sinus:

vx = v * cos alfa
vy = v * sin alfa

Kom je hier verder mee?


Op dinsdag 12 jul 2016 om 11:01 is de volgende vraag gesteld
Waar staat v=gxt in de binas?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 12 jul 2016 om 12:26
Staat niet letterlijk zo in BINAS maar je kunt wel in tabel 35-A1 vinden

a = (delta)v/ (delta)t

Voor de snelheidtoename volgt hieruit

(delta)v = a*(delta)t

Als je voor de versnelling (a) de valversnelling op aarde (g) invult en aanneemt dan de beginsnelheid nul zoals in dit geval krijg je

v = g*t


Op zondag 14 jun 2015 om 17:43 is de volgende vraag gesteld
Bij vraag 3 gebruikt u de formule worstel vx2 + vy , maar als je de waarden invult, kom je uit op 2,9 m/s

Erik van Munster reageerde op zondag 14 jun 2015 om 21:17
Tweede gedeelte van de formule was weggevallen. Het staat er nu goed. Moet zijn:

v = wortel(vx^2+vy^2)
= wortel (2,4^2 + 2,943^2)
= wortel (5,76 + 8,661249)
= wortel (14,421249)
= 3,797531...

afgerond 3,8 m/s


Op donderdag 26 feb 2015 om 15:36 is de volgende vraag gesteld
Beste Erik,
In mijn boek wordt de volgende voorbeeldopgave gegeven die ik niet begrijp. De gegevens die ik al heb uitgerekend zijn: horizontale component van 46m/'s, een valtijd van 3 seconden dus een verticale component van 3x9.81= 29.43 m/s en een hoogte van 44,1m (de luchtweerstand wordt verwaarloost)
De vraag luidt als volgt: bereken de snelheid van de parachutist op t= 3 sec als we de luchtweerstand verwaarlozen. Als ik dit met de stelling van Pythagoras probeer kom ik op ( wortel van 46^2+29.43^2= 54.6) dit klopt volgens het boek niet. Zij rekenen met energiebalans maar dan kom ik ook op hetzelfde uit, 0.5*46^2+9.81*44.1= 0.5*v^2
1491/0,5= 2981 en de wortel hiervan is 54,6 dus v= 54,6 m/s
In het boek is het juiste antwoord V= 39m/s. Wat doe ik hier fout?

Erik van Munster reageerde op donderdag 26 feb 2015 om 21:43
Lijkt me op zich goed wat je doet. Met de gegevens die je geeft kom ik ook op 54,6 m/s maar klopt de horizontale snelheid wel?
46 m/s is meer dan 150 km/h. Dit is wel heel erg veel als horizontale snelheid bij een parachutesprong.

Marieke Schutte reageerde op donderdag 26 feb 2015 om 21:51
De horizontale snelheid is gegeven in de vraag dus lijkt me dat het dan klopt...

Erik van Munster reageerde op donderdag 26 feb 2015 om 22:39
Dan snap ik niet hoe het antwoord 39 m/s kan zijn. De snelheid zou in ieder geval hoger moeten zijn dan de horizontale beginsnelheid van 46 m/s.

Is er misschien nog een snelheid van het vliegtuig waar je rekening mee moet houden? Of springt hij niet horizontaal maar schuin?

Op dinsdag 3 mrt 2015 om 13:47 is de volgende reactie gegeven
Hoi Erik,
Ik heb het aan mijn docent gevraagd en het bleek een fout in het boek te zijn, maar bedankt voor u hulp.


Stephanie van Eer vroeg op donderdag 15 jan 2015 om 16:16
Hallo Erik,
Is de snelheid waarmee het voorwerp de grond raakt nou 3,71 m/s? Want wat betekent die 4,2 m/s dan precies?

Erik van Munster reageerde op donderdag 15 jan 2015 om 20:10
De snelheid waarmee het voorwerp uit het voorbeeld in de videoles de grond raakt is 4,2 m/s.

Maar... en dat is hier wel belangrijk. De richting van de snelheid is niet loodrecht naar beneden maar schuin. De snelheid bestaat uit twee componenten: Een horizontale component in de x-richting: vx en een verticale component in de y-richting. De grootte van de verticale component is in het voorbeeld 3,71 m/s.

Stephanie van Eer reageerde op donderdag 15 jan 2015 om 20:26
Ja dat dacht ik al! Maar omdat u volgens mij in het filmpje zei dat 3,71 m/s de snelheid was waarmee het voorwerp de grond raakte, was ik een beetje in de war. Maar het is helder nu, bedankt!


Roos Steur vroeg op zaterdag 7 dec 2013 om 12:18
Beste Erik,
gebruik je alleen de stelling van Pythagoras als je de snelheid wil bepalen, waarmee het voorwerp de grond raakt?

Erik van Munster reageerde op zaterdag 7 dec 2013 om 20:37
Dag Roos,

Als vx en vy bekend kun je inderdaad de stelling van Pythagoras gebruiken om de grootte van de eindsnelheid te bepalen. Dit kun je doen bij de eindsnelheid maar ook tijdens elk ander moment van de worp.


Edouard Lustermans vroeg op zaterdag 4 mei 2013 om 12:51
Beste Erik,
De docent op mijn school heeft mij op een andere manier geleerd hoe je de snelheid kunt berekenen.
Hij hanteerde altijd het volgende :

MxGxH = 1/2xMxV^2
M kan worden weggestreept, dus dan houd je over:
Gxh = 1/2 x V^2
9.81 x 0.7 = 1/2 x V^2
6.867 = V^2
V = 3.71

Het is een andere uitkomst, dus hoogstwaarschijnlijk onjuist. Wat doe ik precies fout, of waarom werkt dit in deze situatie niet?

Edouard Lustermans reageerde op zaterdag 4 mei 2013 om 12:54
Excuus, ik zie mijn vergissing al. Dit is de manier voor snelheid bij de vrije val uit te rekenen, ik heb hier de beginsnelheid van 2.0 in horizontale richting niet meegenomen in mijn berekening.

Erik van Munster reageerde op zaterdag 4 mei 2013 om 19:44
Hoi Edouard,

Het zou (als je de horizontale snelheid wel meeneemt) inderdaad ook heel goed zo kunnen met energie. Net wat je makkelijker vindt.