Inloggen

Wisselstroom & effectieve spanning

Bij wisselspanning wisselt de + en - pool doorlopend om. De stroom die als gevolg hiervan loopt wisselt hierdoor doorlopend van richting. Als we er rekening mee houden dat de spanning en stroomsterkte steeds afwisseld positief en negatief zijn komen we op een gemiddelde spanning en stroomsterkte van 0. In plaats van gemiddelde spanning en stroom kijken we bij wisselspanning daarom niet naar de gemiddelde maar de effectieve spanning. In deze videoles uitleg wat effectieve spanning precies betekent en hoe deze berekend kan worden.



Voor het afspelen van de videoles 'Wisselstroom & effectieve spanning' moet je ingelogd zijn
Nieuwsgierig? Kijk een demoles:
Voorvoegsels / Harmonische trilling / ElektronVolt

Voorkennis

Stroom, spanning, energie, vermogen

Formules

 
Wisselspanning
(sinusvormig)
Ueff = ½√2·Umax Ueff = effectieve spanning (V)
Umax = maximale spanning (V)

Moet ik dit kennen?

De stof in videoles "Wisselstroom & effectieve spanning" hoort bij:

HAVO:       geen examenstof
VWO: : geen examenstof

(In het oude examenprogramma: HAVO:SE VWO:SE)

Test jezelf - "Wisselstroom & effectieve spanning"

Maak onderstaande meerkeuzevragen, klik op 'nakijken' en je weet meteen de uitslag. Als je één of meer vragen fout hebt moet je de videoles nog maar eens bekijken.
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Wat is de effectieve spanning van een sinusvormige wisselspanning met een maximum van 50 V?

De wisselspanning uit het stopcontact heeft een Ueffectief van 230 V. Wat is de maximale spanning?

Een blokgolf is een wisselspanning die alleen van teken omwisselt maar waarvan de grootte constant blijft. Wat is de effectieve spanning van een blokgolf met een maximale spanning van 12 V?

35 V
50 V
71 V
163 V
230 V
325 V
8,5 V
12 V
17 V



Vraag over "Wisselstroom & effectieve spanning"?


    Hou mijn naam verborgen

Eerder gestelde vragen | Wisselstroom & effectieve spanning

Kees Knol vroeg op maandag 1 okt 2018 om 21:50
Ik oefen zoals je waarschijnlijk nog weet met opgaven in een druk van syst. nat uit resp. 2006 / 2008. Op internet kan ik de uitwerkingen niet te vinden, de uitgever weigert deze beschikbaar te stellen. Mag ik opgaven waar ik niet uitkom voorleggen? (Zoals deze: een LDR en een ohmse weerstand zijn aangesloten op een gelijkspanningsbron, de spanning over de weerstand wordt geregistreerd met een oscillograaf. Bij de LDR wordt een gloeillamp gehouden, aangesloten op netspanning; een wisselspanning met een frequentie van 50Hz. De frequentie van de afgebeelde spanning is 100 Hz. (Geef de verklaring. Ik zoek het antwoord in het verschil in frequentie van gelijk- en wisselspanning.)).

Erik van Munster reageerde op maandag 1 okt 2018 om 23:19
Wisselspanning is sinusvormig rond de 0 V. Dat wil zeggen dat de spanning tijdens één periode zowel positief is (boven de x-as) als negatief ( beneden de x-as). Zowel tijdens het positieve als het negatieve stuk is de gloeilamp even “aan” want het maakt voor de lamp niet uit welke richting de stroom oploopt. Omdat de lamp tijdens één periode twéé keer aangaat is de knipperfrequentie van de lamp ook 2 keer zo groot als de frequentie van de spanning en dus 100 Hz ipv 50 Hz.

De LDR heeft er dus niks mee te maken.


Mohanad Salaymah vroeg op zondag 26 nov 2017 om 10:52
Hoe zit het met de maximale stroomsterkte?
Ik heb de volgende opgave:
- Een leeslamp is via een transformator aangesloten op de netspanning. In deze leeslamp zit een halogeenlamp (12 V ; 50 W).
Bereken de topwaarde van de stroomsterkte in deze lamp.

In eerste instantie heb ik met deze formule: P = U * I berekend dat de stroomsterkte 50/12 = 4,2 Ampere. Maar dit is niet het juiste antwoord. Het juiste antwoord is 5,9 Ampere en had te maken met effectieve stroomsterkte. Dit snap ik niet.

Kunt u vertellen wat het verschil is tussen maximale en effectieve stroomsterkte en maximale en effectieve spanning?

Erik van Munster reageerde op zondag 26 nov 2017 om 16:11
Het verschil tussen effectieve en maximale stroomsterkte is precies hetzelfde als het verschil tussen effectieve en maximale spanning (uitleg zie videoles). Bij wisselspanning is I max de stroomsterkte op de topjes van de wisselspanning en I eff hoeveel stroom continu zou moeten lopen om op hetzelfde vermogen te komen. Er geldt dus:

I eff = ½√2 * I max

Dus voor I max geldt dan

I max = I eff / ½√2

Als je dit uitrekent vind je inderdaad

I max = 4,2 / ½√2 = 5,9 A


Roos Rietdijk vroeg op dinsdag 25 feb 2014 om 22:36
Wat is nu precies het verschil tussen deze spanningen U(t) en bijbehorende formule en U,ind en bijbehorende formule?

Erik van Munster reageerde op dinsdag 25 feb 2014 om 22:59
Deze videoles en de formules gaan over een sinusvormige wisselspanning zoals bv thuis uit het stopcontact.

De formules over inductie gaan over hoe wisselspanning kan worden opgewekt door een veranderend magneetveld. Zie ook de videoles fluxverandering.


Op woensdag 22 jan 2014 om 12:00 is de volgende vraag gesteld
Hoi Erik,

Wat betekent negatieve waarde bij de
wisselspanning?

Erik van Munster reageerde op woensdag 22 jan 2014 om 14:10
Een negatieve spanning heeft alleen betekenis in vergelijking met een positieve spanning.
Je bedoeld met een negatieve spanning dat de + en de - andersom staan ten opzichte van de situatie bij een positieve spanning en dat de stroom dus een andere kant opgaan.

Bijvoorbeeld: Als je een lampje aansluit op een batterij van 9 V verbindt je een draadje met de +pool en een draadje met de -pool. Stel je noemt deze spanning positief (+9V). Als je de draadjes omwisselt noem je de spanning -9 V.

Kortom iets een 'negatieve spanning' noemen heeft alleen maar zin om het te vergelijken met een 'positieve spanning'.


Lisabeth Van Berkel vroeg op maandag 12 aug 2013 om 17:18
bij een gelijkspanning is het vermogen zo uit te rekenen : P=I*U , en hoe gaat dat bij wisselspanning? hoe bereken je daar vermogen?

Erik van Munster reageerde op maandag 12 aug 2013 om 19:43
Bij wisselspanning gaat het op precies dezelfde manier: P=U*I. Alleen moet je de effectieve spanning en stroom gebruiken.

Ook de wet van Ohm (U=I*R) geldt gewoon voor wisselspanning met U en I de effectieve spanning en stroom.


Lisabeth Van Berkel vroeg op zondag 11 aug 2013 om 19:19
dus de oppervlakte van een grafiek met 230v gelijkspanning is evengroot als je oppervlakte van een wisselspanning met max 325 , na bijv 5 seconden?

Erik van Munster reageerde op maandag 12 aug 2013 om 10:55
Je zou gelijk hebben als spanning en vermogen recht evenredig waren maar het is net iets ingewikkelder:

Vermogen is kwadratisch evenredig met de spanning dus de oppervlaktes onder de grafieken zijn gelijk als je kijkt naar de grafieken van het KWADRAAT van de spanning.